Mijn naam is Paul Westerman en ik ben 25 jaar oud. Ik woon in Breda en werk daar ook in een kledingwinkel. In mijn vrije tijd ga ik graag naar festivals en sport ik zo’n beetje elke dag. Ik zit nu al 3,5 jaar op Avans Hogeschool richting commerciële economie en in september mag ik dan ook eindelijk afstuderen. Ik zal iedereen door middel van mijn blogs op de hoogte houden van de laatste online marketing feiten.

Seminar: Future fields

Een opkomende trend op het gebied van experience economy is dat emotie steeds meer aanzet tot kopen. Er heersen verschillende vragen onder de klant die als steeds belangrijker worden ervaren. Vragen als: waarom koopt die ene klant alleen bij mijn organisatie? Wat zorgt ervoor dat ik als bedrijf uniek ben? Het antwoord op deze vragen is beleving! De seminar future fields gaat in op deze vragen en opkomende trend. De reden dat ik deze seminar heb gevolgd is de interesse naar de achterliggende gedachten van deze vragen.

Wat is experience economy?
Experience Economy gaat over het creëren van gevoel. Met name een gebeurtenis creeren waar een mens zich emotioneel tot aangetrokken voelt. Deze gebeurtenis is waardevol en betekenisvol. Veranderingen in het leven zorgen ervoor dat een persoon op een bepaalde manier over dingen denkt. Wanneer het besef van tijd verloren gaat, geeft dit aan dat een persoon zich midden in een emotionele gebeurtenis bevindt. De vraag die hierbij naar voren komt is de vraag: “ Maar zijn deze vragen dan ook betekenisvol?”. Albert Boswijk, de eerste spreker die bij deze seminar aan bod kwam, gaf hier een voorbeeld van. Hij gaf het voorbeeld van Holle Bolle Gijs in de Efteling. Holle Bolle Gijs leert kinderen om op een goede manier afval weg te gooien en tevens het park schoon te houden. Is dit dan een betekenisvolle ervaring? Albert Boswijk was van mening dat door deze attractie het park schoon blijft en dat kinderen en volwassenen het leuk vinden om op deze manier afval weg te gooien. Tevens is Holle Bolle Gijs een attractie die iedereen zich kan herinneren na een bezoek in de Efteling.

Tegenwoordig heeft ieder mens een erg druk leven. Er zijn maar weinig mensen die stil staan bij het kopen van bepaalde producten. Daarnaast is het voor marketeers moeilijk om de boodschap bij de juiste doelgroep over te  brengen door het steeds groter wordende aanbod van social media. Om vervolgens een onderscheidend vermogen te kunnen creëren wordt Experience Economy ingezet. Om de aandacht van de consument op te wekken staat beleving centraal. Experience Economy is zowel voor producten als voor diensten van groot belang. Wanneer de beleving bij het aanbieden van een product of dienst wordt gemist, is de consument eerder geneigd om niet over te gaan tot een aankoop. De consument is dan sneller geneigd om over te gaan naar een andere aanbieder waar wel de beleving meegegeven wordt. Het creeren van een beleving kan op verschillende manieren verwezenlijkt worden. Bijvoorbeeld door middel van brand stores, experience centers, online games, pop-up stores en events.

Een consument ziet op een dag enorm veel merken voorbij komen. Een mens ziet gemiddeld 3.600 reclameboodschappen per dag, (Wijnberg, 2012). Tevens ziet een Nederland 53 verschillende televisie reclames, 166 online display reclames (buttons, banners), 46 radioreclames, 9 dagbladadvertenties, 20 online zoekadvertenties, 11 advertenties uit huis aan huis kranten, 12 advertenties in folders, 2 advertenties in publiekstijdschriften, 25 winkel- (gevel) reclames, 21 buitenreclame uitingen en 12 reclame uitingen in supermarkten (Faasse, 2012). Uit deze gegevens blijkt dat een beleving creëren bij een product van groot belang is voor de consument. Daarnaast blijkt dat een consument sneller geneigd is om meer te betalen voor een product wanneer de mogelijkheid beschikbaar is tot het ervaren van een belevenis. Experience Economy krijgt hierdoor een grotere rol.

Naast Albert Boswijk kwam de gastspreker Daan Noordeloos aan bod. Deze gastspreker werkt voor Transavia. Hij is iedere dag bezig met het creeren van een beleving voor de passagier. Ook tijdens de vlucht wordt er voortdurend nagedacht over de beleving die de reiziger mee krijgt tijdens de vlucht. Een leuk feit, wat iedereen herkent, is het moment dat een passagier zijn of haar plek opzoekt in het toestel, deze persoon in zijn stoel gaat zitten en moet wachten op het moment dat het vliegtuig vertrekt. Vervolgens gaat een passagier in de vakjes kijken in de stoel voor zich. Ook het uitklappen van het tafeltje aan de stoel voor zich gebeurt meerdere malen. Terwijl een passagier de tafel uitklapt valt zijn oog op de ‘kaart des doods’. Dé kaart wat laat zien wat een passagier moet doen wanneer de luchtdruk zou wegvallen, wanneer er zich een noodsituatie voordoet en nog een aantal scenario’s waar een passagier dood ongelukkig van wordt. In enkele seconden is de beleving van het vliegtuig meteen verdwenen. Het is dus van groot belang dat de juiste ervaring en beleving wordt gecreëerd op het moment wanneer dat nodig is.

Deze seminar was zeer leerzaam en indrukwekkend. Met name Albert Boswijk was een zeer indrukwekkend persoon om naar te luisteren.

Bronnen: 

Faasse, J. (2012 maart 8). Hoeveel reclame ziet u per dag? Opgeroepen op juni 15, 2015, van faassevision,blogspot.nl: http://faassevision.blogspot.nl/2012/03/hoeveel-reclame-ziet-u-per-dag.html

Wijberg, R. (2012, januari 20). De gemiddelde westerling ziet 3.600 reclames per dag. Opgeroepen op juni 15, 2015, van nrcnext.nl: http://www.nrcnext.nl/blog/2012/01/20/next-checkt-gemiddelde-westerling-ziet-3-600-reclames-per-dag/

Webinar: Business to business content marketing

B2B content marketing – What’s next in B2B content marketing, Webinar door Bob Oord managing director heliview Online.

In deze webinar zijn participanten aanwezig van het evenement Content marketing world. De plek waar deze webinar plaatsvond is de Amerikaanse staat Ohio. Content marketing world staat bekend als één van grootste evenementen op het vakgebied met een deelnemers veld van meer dan 1700 deelnemers uit 40 verschillende landen.

In dit evenement worden nieuwe highlights, de mogelijkheden voor content marketing, tips en ervaringen gedeeld over wat werkt en niet werkt op content marketing gebied.

Bij deze webinar zijn onder andere aanwezig: Michiel Schoonhoven (directeur financiële marketeers) Hij springt in een vroeg stadium in op de mogelijkheden van content marketing als effectief communcatie strategie. Daarnaast was ook Bert van Loon (Communicatiestrateeg Mostly Media) Hij heeft voornamelijk uitgevers geholpen bij het uitrollen van business modellen.

Daarnaast kwamen er enkele onderzoeksresultaten aan bod op het evenement. Één van die onderwerpen was het grootschalig onderzoek onder B2B marketeers waaruit bleek dat 93% van alle marketeers iets aan content marketing doet. Daar op volgend was ook uit onderzoek gebleken dat 44% geen content marketing strategie heeft.

Aan Bert van Loon werd gevraagd wat hij in deze cijfers herkent. 

Content marketing staat nog heel erg in de content marketing dus 93% is erg veel, in de praktijk is er wel een groeiende belangstelling voor content marketing. Advertentiebudgetten worden ingeruild voor content marketing budgetten. De helft van de mensen in Amerika doet het zonder strategie, dat kan, je kan heel bewust zeggen we gaan gewoon aan de slag zonder te zeggen waar je terecht wil komen. Content plaatsen en delen en te kijken wat dit gaat doen met de statistieken. Op de lange termijn is dit niet wat je zomaar even af kan vinken. Het is een project wat permanent is en opbouwt en geen einde heeft en wat zeker een strategie nodig heeft. (Loon, 2013)

Verder op in de  webinar komt Jay Bear aan bod en hij verteld iets over Youtility, hoe belangrijk dit is en wat dit voor content marketing betekent.

Wanneer men youtility wilt omschrijven dan komt men met een vorm van een hulpprogramma. De software is ingebouwd voor het vergemakkelijken van werk dat zich bezig houdt met het uitvoeren van specifieke zaken. De verschuiving die Youdility beschrijft is het verkopen naar helpen, want wanneer er op verkoop wordt gericht heb je vandaag de dag geen klant meer. Echter wanneer er iemand geholpen wordt ontstaat daar een mogelijke klant voor het leven uit.

Youtility is marketing die zo nuttig is, dat mensen er in principe geld voor over zouden hebben.  (Bear, 2013)

Michiel Schoonhoven verteld over een Financieel fit programma wat hij in de markt had gezet. Deze werd in 2013 geintroduceerd en is gericht op het helpen van klanten met de financiële gezondheid. Dit hebben zo door middel van communicatie en educatie invulling gegeven. Daarbij is de eerste stap de bewustwording, wat is er nodig om financieel fit te worden? De tweede stap is de financiele fitheid test, een test die online wordt afgenomen waarin mensen vragen kunnen beantwoorden. Na het invullen van die test weet de geteste hoe de financiele gezondheid van het bedrijf er aan toe is. Op basis van de ingevulde data krijgt de geteste tips.

De toegevoegde waarde van communicatie en educatie voorziening speelt een steeds groter wordende rol.

Bronnen: 

Bear, J. (2014, januari 24). Inspiration marketing keynote. Opgeroepen op juni 15, 2015, van, youtube.com: https://www.youtube.com/results?search_query=Jay+Bear+youdility

Hall, v. E. (2014, februari 13). Youtility: van verkopen naar helpen. Opgeroepen op juni 15, 2015, van mediaweb.nl: https://mediaweb.nl/blog/youtility-de-toekomst-van-marketing/

Oord, B. (2013, september 26). B2B Conent marketing (Webinar). Opgeroepen op juni 15, 2015, van kennisportal.com: http://www.kennisportal.com/talks-webinars/

Case 1: Wat is social media?

In onze eerste case moesten wij 3 social media platformen analyseren. Hierbij werd gekeken naar welke manier het platform ingezet werd. Hoe dit platform haar verdienmodel had ingericht en welke manieren er waren om te adverteren.

Het eerste platform die wij geanalyseerd hadden was LinkedIn. Daarbij hebben het belangrijkste doel van de website geformuleerd. Het belangrijkste doel van de website is geregistreerden gebruik te laten maken van elkaars (zakelijke) netwerk. Dat gebeurt door contacten te leggen met anderen die je vertrouwt. Vervolgens hebben we de historie, strategie, doelgroep en de waarde van het bedrijf inzichtelijk gemaakt. Daarna zijn we uitgebreid gaan toelichten welk verdienmodellen LinkedIn hanteert en welke manieren er zijn om te adverteren.

Het tweede platform dat wij geanalyseerd hadden was Facebook. Ook hier hebben we het doel van het platform omschreven: Facebook biedt een plaats aan gebruikers om video’s en foto’s te delen met vrienden en familie. Het is ook mogelijk om op de gehoogte gehouden te worden van bepaalde intresses zoals voetbal, gamen, en technologische ontwikkelingen. Door dat er veel gebruikers actief zijn op Facebook, maakt het intressant voor bedrijven om op Facebook te willen adverteren. Daarbij hebben we historie, strategie, doelgroep, waarde van het bedrijf inzichtelijk gemaakt net als bij LinkedIn. Vervolgens hebben we weer uitgebreid toegelicht welke verdienmodellen Facebook hanteert en welke manieren er zijn om te adverteren.

Het derde en laatste platform dat wij genanalyseerd hadden was Airbnb. Net als bij de eerste 2 platformen hebben we ook hier omschreven wat het doel is van het platform: De toegevoegde waarde van Airbnb van Airbnb voor de gebruiker is om een accommodatie te huren van een particulier tegen een lagere prijs dan andere boekingswebsites. De toegevoegde waarde voor het bedrijf is de dienst die men levert door middel van de site waar hun verdienmodel aan is gekoppeld. Hierbij is de win-win-win situatie. De adverteerder verdient geld, de gebruiker bespaart geld(ten opzichte van ander boekingswebsites) en Airbnb pakt haar percentage mee hierbij. Daarbij hebben we net als bij de vorige 2 platformen de historie, strategie, doelgroep en waarde van het bedrijf inzichtelijk gemaakt. Vervolgens hebben ook hier weer uitgebreid toegelicht welke verdienmodellen Airbnb hanteert en welke manieren er zijn om te adverteren.

In samenwerking met Lauran van den Wijngaart gemaakt.

Case 2: International online marketing

In case 2 werd ons gevraagd om een land te analyseren op de volgende aspecten. Allereerst moesten wij de culturele dimensies zoals in hofstede beschreven toepassen op het land. Vervolgens moesten we de verschillende websites in het land analyseren. Daarbij moesten we kijken hoe de goed die websites scoren op  usability, daarin werd ook geanalyseerd wat voor design de verschillende websites voerden. Na deze analyses werden conclusies getrokken en zijn we door gegaan met het analyseren van het social media landschap van het land. Daarbij namen we mee wat veel gebruikte tools waren en wat marketeers daar mee konden. Tot slot zijn we gaan kijken naar de trends die er waren in het gekozen land en daarbij hebben we gebruik gemaakt van een destep analyse.

Alle analyses samen hebben we geconcludeerd, de aantrekkelijkheid bepaald en daarop volgend hebben we methodes bedacht om over de grenzen te adverteren.

In samenwerking met Lauran van den Wijngaart.